Christiaan Jelsma is getrouwd en heeft een dochter en een zoon, zijn zoontje heeft het Downsyndroom: Christiaan is cabaretier en theatermaker, en schrijft over zijn proces als vader van een kindje met Downsyndroom. Hij maakte de indrukwekkende kleinkunst, cabaretvoorstelling De Verdenking over afscheid nemen van een verwachting en het omarmen van kwetsbaar geluk.
Eelke steekt met zijn hoofdje net boven de bolderkar uit, hij is verder volledig omringd door tassen. Ik trek hem over een hobbelig camping-pad de heuvel op. Hij kijkt nieuwsgierig om zich heen en hobbelt mee, terwijl hij af en toe zijn tanden in de rand van de bak zet. Het is 38 graden. We zijn onderweg naar het zwembad.
We kamperen onvervalst met een tent, het is altijd weer een hele verhuizing. Elk jaar proberen we het onszelf iets comfortabeler te maken. Maar comfortabel wordt het nooit. Dit jaar ging de bolderkar mee, voor Eelke. Dat leek ons wel handig omdat hij (nog) niet loopt.
Daar maak ik me wel zorgen over. Maar het schijnt dus, dat het te maken heeft met een motivatieprobleem. Ik denk dan toch eerder aan een puistige puber van 14 die een slecht cijfer heeft gehaald voor Duits. De camping heeft een klein zwembad, te klein om anoniem binnen te komen, maar te groot om direct iedereen te begroeten. Van een afstand hoor ik het kenmerkende geluid wat bij zo’n buitenzwembad hoort.
Terwijl het Syndroom van Down in de afgelopen jaren steeds meer plaats heeft gemaakt voor Eelke, kan ik niet ontkennen dat ik het spannend vind als we op nieuw terrein zijn. Terwijl ik de bolderkar wegzet, heeft mijn vrouw Eelke al op de arm genomen. Via een ingewikkeld toegangshekje betreed zij alvast het zwembad. En dan lijkt het alsof iemand het geluid uitzet, het hele zwembad valt stil. Ik hoor nog net een kindje zeggen, ‘die heeft t zelfde gezichtje als’. Verder hoor ik alleen de enthousiaste waaha en daaha klanken van Eelke.
Ik kijk door het hekje heen en zie dat mijn vrouw twijfelt om iets publiek te gaan zeggen, maar ze kiest ervoor om Eelke trots en pontificaal op het ligbedje te zetten, zodat iedereen hem even goed kan bekijken. Dan zwelt het geluid weer aan.
Een paar dagen later bespreek ik deze situatie met iemand. Ik leg uit dat het op zich niet raar is wanneer mensen even kijken. Ik geef hem een voorbeeld: stel dat je iemand tegenkomt en die mist bijvoorbeeld een arm.
Twintig minuten later, sta ik in de rivier een dam te bouwen samen met m’n dochter. Ik zie vaag een paar mensen lopen. Niks bijzonders. Maar iets klopt er niet. ik kijk nog een keer, dubbelcheck. Ja, zie je wel. Ik zie het nu heel duidelijk, die man mist zijn linker-onderarm!
Alsof mijn hersenen een korte error te verwerken kregen, omdat het blijkbaar niet aan mijn voorgeprogrammeerde verwachting voldoet. Ik moest meteen denken aan al die mensen in het zwembad. Hadden zij niet gewoon een korte error te verwerken. Het is tijd voor een update!
Deze column verscheen in het magazine van Stichting Downsyndroom. Download hier de pdf.